Mestonderzoek

Dit voorjaar bleek dat onze schapen last hebben van wormen die na gebruik van een ontwormmiddel niet dood gingen. De wormen bleken resistent tegen de werkzame stof van het betreffende ontwormmiddel. Dit is een bekend probleem bij schapen die in weilanden gehouden worden en vaak op hetzelfde perceel lopen. Maar bij begrazing van een groot natuurterrein zou je deze problemen niet zo snel verwachten. Echter doordat de schapen dagelijks terug gaan naar de kooi en dan vaak over dezelfde stukken terug lopen krijgen ze toch vrij grote hoeveelheden wormeitjes binnen. Deze wormeitjes groeien in het schaap uit tot volwassen wormen die dan weer eitjes produceren en na het uitpoepen van de nieuwe wormeitjes op het gras kan weer een nieuwe besmetting ontstaan. Om deze cyclus te doorbreken moet de kudde op het juiste moment ontwormd worden. De bedoeling is dat dan zowel de wormen als hun eitjes gedood worden door het gebruikte middel.
Om na te gaan of er sprake is van een besmetting met wormen wordt er van een aantal schapen mest opgevangen en die mest wordt onderzocht op aanwezigheid van wormeitjes. Als er een bepaalde hoeveelheid eitjes in de mest aanwezig is dan is het beter om de schapen te ontwormen. Om vervolgens na te gaan of het gebruikte middel goed zijn werk heeft gedaan wordt na ongeveer 14 dagen nog een keer mest onderzocht van een aantal schapen. Dat lieten we altijd door de dierenarts doen. Nu heb ik een microscoop gekocht en wat benodigdheden zodat we dit onderzoek zelf kunnen doen. 1 keer per 2 weken wordt er door vrijwilligster Marijke Bultman een aantal mestmonsters geprepareerd om te kunnen kijken hoeveel wormeitjes er in zitten. Als blijkt dat er sprake is van een toename kunnen we veel sneller handelen dan wanneer we wachten tot er schapen zijn die verschijnselen vertonen van een wormbesmetting en we dan pas mestonderzoek laten doen.
Het moeilijkste van het onderzoek is om de eitjes van elkaar te kunnen onderscheiden, maar de aanwezigheid van de eitjes is best goed te achterhalen. De mest wordt opgelost in een verzadigde zoutoplossing waarin de eitjes blijven drijven. Die oplossing wordt dan in een soort telvenster onder de microscoop bekeken.